Kennis · 19 juli 2026

Oproepcontracten verdwijnen: zo bereid je je praktijk voor.

De Eerste Kamer heeft ingestemd met de Wet meer zekerheid flexwerkers. Voor praktijken met oproepkrachten, tijdelijke contracten of uitzendkrachten verandert er de komende jaren veel.

← Alle kennisartikelen

De invoering is gefaseerd: het eerste deel gaat op 31 december 2026 in, het grootste deel op 1 januari 2028. Dit is wat er op je afkomt, en wat je nu al kunt doen.

Wat er verandert

Oproepcontracten verdwijnen. Nulurencontracten en andere oproepovereenkomsten kunnen straks niet meer, met een uitzondering voor studenten, scholieren en AOW-gerechtigden. Daarvoor in de plaats komt het bandbreedtecontract: je spreekt een minimum aantal uren af, en mag je medewerker oproepen tot 130 procent van dat minimum. Bij een minimum van 10 uur is het maximum dus 13. Oproepen boven die bandbreedte mag je medewerker weigeren, en de bandbreedte geldt steeds voor maximaal één kwartaal. Wie nu op een assistente met een nulurencontract leunt voor de drukke weken, moet dus vooraf gaan bepalen hoeveel uur er minimaal op het rooster staat.

Tijdelijke contracten verlengen wordt lastiger. De ketenregeling bepaalt wanneer een tijdelijk contract overgaat in een vast dienstverband: na 3 jaar of na 3 opeenvolgende tijdelijke contracten. Nu kun je die keten nog doorbreken met een onderbreking van 6 maanden. Die termijn gaat naar 3 jaar. Een contract even laten aflopen en na een tussenpoos opnieuw beginnen is dan geen route meer; de keuze wordt eerder: vast contract of afscheid. Voor studenten geldt een uitzondering.

Uitzendkrachten worden gelijkwaardiger, en daarmee duurder. Uitzendkrachten krijgen minimaal dezelfde arbeidsvoorwaarden als medewerkers die bij de praktijk in dienst zijn. Ook wordt de periode verkort waarin een uitzendcontract op elk moment beëindigd kan worden. Dit onderdeel gaat als eerste in, op 31 december 2026.

De tijdlijn

  • 31 december 2026Gelijke arbeidsvoorwaarden voor uitzendkrachten. Ook treedt dan de Wet rechtsvermoeden van arbeidsovereenkomst op basis van uurtarief in werking — een aparte wet uit hetzelfde pakket arbeidsmarkthervormingen.
  • 1 januari 2028Het omvangrijkere deel: het einde van de oproepcontracten en de nieuwe ketenregeling. In datzelfde jaar wil het kabinet ook de Zelfstandigenwet invoeren, die bepaalt wanneer een zzp'er echt zelfstandig is.

Hoe die trajecten samenhangen, lees je op onze themapagina Zzp- en flexregels in de mondzorg.

Wat je nu al kunt doen

  1. Breng je flexibele schil in kaart. Wie werkt er bij jou op oproepbasis, met een tijdelijk contract of via een uitzendbureau, en voor hoeveel uur?
  2. Reken het bandbreedtecontract door. Welk minimum aantal uren past bij je rooster, en wat betekent 130 procent daarvan voor je drukke weken?
  3. Kijk welke tijdelijke contracten richting de grens lopen. Voer het gesprek over vast of niet ruim voordat de keten vol zit, niet erna.
  4. Herbereken je uitzendkosten per eind 2026. Gelijke arbeidsvoorwaarden betekenen in de meeste gevallen een hoger tarief. Vergelijk dat eens met wat iemand in dienst kost.
  5. Gebruik straks de aangepaste modelovereenkomsten. De KNMT past haar modelovereenkomsten aan voordat de nieuwe regels ingaan.

Vaste uren bieden is in deze wet niet alleen een verplichting, het is ook een kans: in een krappe markt is zekerheid een arbeidsvoorwaarde waarmee je mensen bindt. Hoe wij praktijken daarbij helpen lees je bij voor praktijken en in onze werkwijze.

Dit artikel is algemene informatie over aangekondigde wetgeving, geen juridisch advies. Overleg voor je eigen situatie met je juridisch adviseur.

Bron: KNMT, "Strengere regels tijdelijke contracten en oproep- en uitzendkrachten op komst" (15 juli 2026) — knmt.nl. Geraadpleegd 19 juli 2026.

Doorpraten over je bezetting?

We denken graag mee over wat deze regels voor jouw rooster betekenen.

+31 6 40 60 59 78 olivier@dentastaffing.nl